De Tijdlagen
De tijdlagen zijn geen hoofdstukken.
Zij sluiten niets af.
Zij openen.
Elke laag is een manier van kijken.
Een houding tegenover kennis, macht en tijd.
Vijf haltes
De reis wordt zichtbaar in vijf momenten:
Oudheid
Middeleeuwen
Renaissance
Industriële Revolutie
Hedentijd / Toekomst
Niet als overzicht.
Niet als vooruitgang.
Maar als afdrukken van denken.
Oudheid
De wereld is groter dan de mens.
Kennis is verbonden met orde, kosmos en moreel besef.
De mens luistert.
De tijd is cyclisch.
Wat was, keert terug.
Middeleeuwen
Kennis wordt bewaard.
Geschreven, gekopieerd, beschermd.
De wereld is hiërarchisch.
Betekenis ligt buiten de mens.
De tijd is verwachting.
Renaissance
De mens treedt naar voren.
Meten, tekenen, begrijpen.
De wereld wordt onderzoeksbaar.
De tijd vertraagt.
Zij wordt bestudeerd.
Industriële Revolutie
De wereld wordt maakbaar.
Kennis versnelt.
Productie bepaalt het ritme.
De tijd wordt lineair.
Vooruitgang wordt doel.
Hedentijd / Toekomst
De wereld verschijnt als data.
Kennis abstraheert.
Zekerheden verschuiven.
De tijd is continu.
Altijd aanwezig.
Altijd nu.
Geen oordeel
Geen laag is beter.
Geen laag is slechter.
Elke tijd draagt iets bij.
Elke tijd laat iets achter.
Overgang
De lagen zijn zichtbaar.
Wat resteert, is de vraag:
Hoe kijken we naar wat we zien?
Daar begint het beeld.